Most Macho in Amsterdam


13 AUGUSTUS 1905
Geboorte Isje Johanna (Ida) Peerdeman op 13 augustus 1905 te Alkmaar als laatste van vijf kinderen. Ze wordt op dezelfde dag nog door pastoor H.A. Horning gedoopt in de parochiekerk van Sint Laurentiuskerk in Alkmaar. Vader was textielhandelaar. Augustinus Josephus Callier (1903-1928) is bisschop van Haarlem.
zie ook Regionaal archief Alkmaar en Pelgrimage langs Ida's plekken.

1910
Amsterdam Centrum
De familie verhuist naar Amsterdam Centrum. Waar woonde Ida deze kwart eeuw tot de verhuizing van 1935 naar de Uiterwaardenstraat 408-3 in Amsterdam Zuid?

JULI 1914
Amsterdam Centrum
Ida was slechts acht jaar oud toen haar moeder op op zaterdag 18 juli 1914 op slechts 35-jarige leeftijd stierf.

Aangezien Ida's vader vaak afwezig was, zorgde haar oudste zuster voornamelijk voor de familie. De familie, niet al te fanatieke katholieken, was niet uitzonderlijk vroom. ´We gingen zondags naar de kerk, en dat was het´, zou Ida later zeggen. Haar eerste communie en later het vormsel ontving Ida in de Amsterdamse Dominicuskerk in de Spuistraat.

Eerste verschijning 1917
OKTOBER 1917 Centrum
Ida was twaalf jaar oud toen, op zaterdag 13 oktober 1917, de dag dat de laatste van de zes verschijningen van Maria in het Portugese Fatima plaats had. Op diezelfde avond zag Ida, nadat ze in de dominicanerkerk in de Amsterdamse Spuistraat heeft gebiecht op straat een wonderschone dame in verblindend licht, gekleed in een lange wit gewaad en sluier. Dit kan alleen maar de Heilige Maagd zijn, dacht Ida.

In die oktobermaand verscheen haar de dame voor de tweede keer. Ze sprak er thuis over, maar niemand nam haar verhaal serieus. Ida laat het maar zo. Na twee jaar ULO-onderwijs gaat ze aan het werk bij de Boldootfabriek aan de Haarlemmerweg. Dagelijks kwam ze met de fiets uit Zuid naar de neogotische kantoren van Boldoot. Ze begon er als jongste bediende. Ida zou tot 1948 bij Boldoot werkzaam bijven. De laatste twee jaar kwam zij als assisitent tijdschrijver op de fabrieksvloer terecht.

AUGUSTUS 1921
Op 13 augustus 1921, Ida's 16e verjaardag, krijgt zij van pater Teppema o.p. een gebed dat zij tot haar dood elke dag zal bidden.

1928
Nieuwe bisschop van Haarlem: Joannes Dominicus Joseph Aengenent (1928-1935)


JUNI 1934
Vader Peerdeman, die nooit hertrouwde, stierf op 17 juni 1934.

1935
In 1935 verhuizen Ida en haar drie zusters vanuit Amsterdam Centrum naar de Uiterwaardenstraat 408-3 in Amsterdam Rivierenbuurt, waar ze tot begin '80-er jaren zal blijven wonen. Pelgrimage langs Ida's plekken Nieuwe bisschop van Haarlem: Joannes Petrus Huibers (1935-1960).


1940
Vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog kreeg Ida visioenen over de komende oorlog in Europa. Ze zag de Oder-rivier gevuld met bloed, gevechten in de Betuwe, Mussolini opgehangen aan zijn voeten... ze beschreef Hitler’s Adelaarsnest-bunker in de bergen van Berchtesgaden. Tijdens deze visoenen staarde ze in het oneindige en vertelde langzaam aan de aanwezigen wat ze zag en hoorde.

1941
Ida krijgt bij Boldoot een lichte hartaanval. De snel uit de Staatsliedenbuurt gehaalde dokter verbiedt haar met de fiets naar huis te gaan en besteld een taxi. Ida blijft zes weken ziek thuis.

MAART 1945
Aan de oorlogsvisioenen kwam een abrupt einde op 25 maart 1945, het feest van Maria Boodschap.

1948
Ida neemt op eigen verzoek ontslag bij Boldoot om onbetaald tot 1974 de zorg voor twee gehandicapte zonen van de familie Brenninckmeijer op zich te nemen.


MAART 1953
Op 20 maart 1953 zegt de Vrouwe : "Amsterdam heb Ik uitgezocht als de plaats voor de Vrouwe van alle Volkeren. Het is ook de plaats van het Sacrament. Begrijpt dit goed."

MEI 1953
Op 10 mei 1953 spreekt de Vrouwe: "Amsterdam zat het middelpunt worden van de Vrouwe van alle Volkeren. Daar zullen de volkeren door deze Beeltenis "de Vrouwe van alle Volkeren" leren kennen.

JULI 1954
'Ze beschouwde me als een hysterica' liet Ida weten in de documentaire van MokumTV. Ida wordt door een bisschoppelijke commissie aan een aantal tests onderworpen. Ze moet voor psychiatrisch onderzoek zelfs naar Heiloo, waar ze door een inrichtingspsychiater aan een onderzoek wordt onderworpen. Het commitee van de Haarlemse bisschop veroordeeld in juli 1954 de boodschappen van Ida met de mededeling dat de Heilige Maagd Maria ze nooit kan hebben gezegd en verbied iedere vorm van publikatie van de boodschappen alsook de afbeelding.

1955
De veroordeling wordt herhaald in het Analecta van het Bisdom Haarlem.

7 MEI 1956
Op 7 mei 1956 laat Mgr. Huibers in een communiqué opnieuw weten dat de verering van de Amsterdamse Mariaverschijning verboden is, er niets buitenaards aan de hand is bij Ida Peerdeman en dat de verspreiding van haar boodschappen verboden is.

31 MEI 1956
Ida kreeg al eerder van de Verschijning de opdracht dat er een speciaal gebedshuis zal moeten worden gebouwd. Op 31 mei 1956 (Sacramentsdag) heeft Ida haar 52ste verschijning. Maria wijst haar vanuit de woning in de Uiterwaardenstraat 408-3 de plaats aan de Zuidelijke Wandelweg waar de Alle Volkeren-kerk moet komen. De Vrouwe laat Ida een 3d-visioen te zien van het model kerk met drie groene koepels dat ze gebouwd wil hebben in Amsterdam. Ida zelf verklaard in de MokumTV-documentaire: "Ik schrok en zei: maar Vrouwe, dat is toch helemaal geen katholieke kerk?" Ida zou kort daarop nog eens flink schrikken als ze in het bioscoopjournaal beelden ziet van de kerk die de Heilige Maagd haar liet zien. "Maar dan wel met een kruis op de koepel." De beelden toonde de Aya Sofya in Istanbul.

MAART 1957
Op 2 maart 1957 wordt dit communiqué nogmaals geconfirmeerd door bisschop Huibers. Hij slaagt er niet in de devotie te stoppen en vraagt Rome in te grijpen. Op 13 maart 1957 onderschrijft het Heilig Office in Rome de eerdere veroordelingen van de bisschop (prot. N.511/53), getekend door secretaris Joseph Cardinaal Pizzardo, die bisschop Huibers feliciteerd met zijn voorzichtigheid en wijsheid, want, de boodschappen zijn vals en de verspreiding er van is verboden.

1959
In 1959 verbied bisschop Huibers het boek 'Maria en de verschijningen te Amsterdam' van dr Louis Knuvelder, uitgegeven bij Pax in Den Haag.

JUNI 1959
Op 22 juni 1959 veroordeeld het Heilige Office in Rome opnieuw de verschijningen van Ida als 'pseudo' en onderschrijft het verbod op het boek van dr. Knuvelder.

1960
Nieuwe bisschop van Haarlem: Joannes Antonius Eduardus van Dodewaard (1960-1966) volgt in 1960 bisschop Huibers op.

AUGUSTUS 1961
Op 25 augustus 1961 schrijft het Heilig Office (Prot. N. 511/53) dat na serieuze consultatie ze bepalen dat het eerder gegeven oordeel definitef is en de zaak niet opnieuw geopend mag worden. De boodschappen zijn vals en het blijft verboden ze te publiceren.

1962
Het door Ida voorspelde Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) wordt door paul Johannes XXIII geopend.

FEBRUARI 1964
Ida's getrouwde broer Pieter Jacobus Peerdeman overlijd op 2 februari 1964.

1966
Theodorus Henricus Johannes Zwartkruis (1966-1983) volgt in 1966 bisschop Van Dodewaard op.

FEBRUARI 1967
Op 12 Februari 1967 sterft de man die gedurende 50 jaar (van 1917 tot 1967) de geestelijk leidsman en biechtvader van zieneres Ida Peerdeman was geweest: pater J. Frehe O.P.

1970
In 1970 bereikt Ida de pensioengerechtigde leeftijd. Vanaf 1970 is ze werkzaam op het secretariaat in de Diepenbrockstraat 3. Hier zou Ida Peerdeman de laatste jaren van haar leven doorbrengen.

26 JUNI 1970
Op 26 juni wordt het schilderij van Maria van Alle Volkeren 'voorlopig' geïnstalleerd in de Diepenbrockstraat 3. Tot op heden hangt het er, maar na realisatie van de door Maria verlangde kerk, zal het daar blijven.

MEI 1972
Ook onder mgr. Theodorus H.J. Zwartkruis, bisschop van Haarlem van 1966 tot '83 was er weinig begrip voor mej. Peerdeman.
Opnieuw laat het Heilig Office op 24 mei 1972 weten dat Rome de Amsterdamse devotie verbied. Deze brief was ondertekend door kardinaal Seper.

JANUARI 1973
Op 29 januari 1973 herhaalt de Haarlemse bisschop deze veroordeling.

MEI 1974
Op 25 mei 1974 herhaald het Heilig Office opnieuw haar negatief oordeel over de Amsterdamse verschijningen aan Ida Peerdeman.

De bisschop van Haarlem, Mgr Huibers, vertelde aan Ida dat hij blij was dat Maria in zijn bisdom was verschenen. Maar net als zijn opvolgers Mgr. Doodewaard en Mgr. Zwartkruis durfde de bisschoppen de confrontatie met de modernisten niet aan.

Na al die jaren met haar drie zussen te hebben geleefd, komen die de een na de ander te overlijden. Ida krijgt zelf borstkanker, maar liet zich uit angst voor verblijf in het ziekenhuis pas zeer laat opereren. Bovendien heeft ze al sind het begin van de Tweede Wereldoorlog een hartkwaal.

OKTOBER 1977 Diepenbrockstraat Zuid
Op 9 oktober 1977 legt Ida haar eeuwige gelofte af voor de Millicia Jesu-Christi'.

1 SEPTEMBER 1980
Dood Ida's zus Gesina J. Peerdeman, geb 13 augustus 1897.

1981
Ida's tweede leidsman, pater Kerssemakers s.s.s., overlijd in 1981. Na een mislukte poging de pater in de tuin van de Diepenbrockstraat te mogen begraven, komt hij eerst op begraafplaats Buitenveldert te liggen, waar zijn graf gesiert wordt met de bronzen afbeelding van Maria van Alle Volkeren. Later volgt er een bijzetting in de Peerdemans-tombe op de Sint Barbara-begraafplaats.

1983
Henricus Joseph Aloysius Bomers CM (1983-1998) volgt in 1983 bisschop Zwartkruis op.

1 SEPTEMBER 1990
Dood Ida's zus Johanna M. Grothues Heidkamp-Peerdeman, geboren 6 juni 1899.

Naast haar woonhuis bevind zich de kapel waar jaarlijks duizenden pelgrims samenkomen om te bidden voor het schilderij met de afbeelding van de ´Amsterdamse Mariaverschijning´. Ze hebben geen weet van de satanische kwellingen waaronder ze haar laatste jaren opnieuw ging lijden: "Op een keer kon de 85 jarige zieneres na een uur lang verschrikkelijk gefluit, geschreeuw en gekrijs van de duivel, van uitputting alleen nog maar huilen".

APRIL 1992 Diepenbrockstraat Zuid
In de nacht van 4 op 5 april 1992 kwam "de duivel met zware, dreunende stappen Ida’s slaapkamer binnen". Zij zag hem niet, want hij stond in het donker, maar zij hoorde hem met zijn indringende, afschuwelijke stem zeggen: “Ik zal ervoor zorgen dat het met jouw en je bisschop niks wordt! En het licht dat je ziet, ben ik en niet de ander [de Vrouwe].”

Daarop antwoordde Ida: “Zij is het wel! De Vrouwe komt altijd in het licht. Maar het vreemde is dat jij altijd alleen maar komt als het donker is en dat je altijd in het donker bent!” Ida bad luid het gebed dat de Vrouwe haar geleerd had. Daarop schreeuwde de duivel: “Ik zal ervoor zorgen dat jij het licht nooit meer ziet!” Bij die woorden wierp hij haar een steentje in het oog, dat vreselijke pijnen veroorzaakte. Toen verdween hij. Het oog werd vuurrood en zwol helemaal dicht. ’s Morgens wasten Jannie, haar trouwe helpster in de laatste jaren, en Ida’s zus Truus het voorzichtig uit met Lourdeswater. Na een dag of tien kon Ida pas weer ongehinderd zien.

BEGIN 1994
P. Peter Klos SSS begint de nieuwe promotie van Maria van Alle Volkeren met de publikatie van het bulletin 'Koningin van de Profeten'.

19 MAART 1994
Dood Ida's zus Geertruida E Peerdeman, geboren 5 oktober 1900.

MAART 1995 Diepenbrockstraat Zuid
De eerste maart 1995, Aswoensdag. Op deze dag begonnen alle vijf telefoons in huis tegelijkertijd te rinkelen. Ook toen Ida de hoorn opnam, bleef het rinkelen doorgaan. "Op die manier probeerde de duivel haar bang te maken en ze kreeg het werkelijk te kwaad en voelde zich niet goed worden".

Een andere keer wierp hij haar van haar bed omhoog en krijste met gemene stem: “Je bent nog niet op Calvarië!”

MAART 1995 Diepenbrockstraat Zuid
Ida haalt opgelucht adem als de paus op 25 maart 1995 bekend wordt dat Josef Marianus (Jos) Punt tot hulpbisschop van de Haarlemse mgr. Boomers is benoemd.
Een bekende van de dominicaner pater Frehe, de in februari 1967 overleden geestelijk leidsman van Ida Peerdeman. Die kwam als priester van de parochiekerk van St. Jozef in Ida's geboorteplaats Almaar ook in het Alkmaarse gezin Punt over de vloer. Naast hulpbisschop wordt Jos Punt ook benoemd tot apostolisch administrator van het Militair Ordinariaat en titulair bisschop van Nasai in Zuid Afrika.

AUGUSTUS 1995 Diepenbrockstraat Zuid
Op 13 augustus 1995 vierde Ida haar 90e verjaardag. Van heinde en ver waren er vrienden gekomen om de jarige voor haar trouwe volharding te danken. Onder de aanwezigen bisschop Hnilica en Sigl met een nieuw schilderij van de Vrouwe, gemaakt door Wilhelm Halewijn.

DECEMBER 1995 Diepenbrockstraat Zuid
Keer op keer terroriseert de satan haar. Soms in de vorm van een "zware hand in haar rug", die haar onverwachts voorover duwd. Zoals in de nacht van 15 december 1995, waarbij Ida zo’n hevige smak maakt dat het bloed van haar gelaat stroomt en de bloeduitstortingen acht weken later nog zichtbaar waren.

JANUARI 1996
Op 1 januari van dat jaar hoorde ze voor het eerst sinds november 1995 weer de stem van de Vrouwe, die aankondigde: “Dit is je laatste jaar. Spoedig zal ik je bij mijn Zoon brengen. Je taak is volbracht. Luister verder naar de stem.”

Ida's taak volbracht? Behalve dan de officiele kerkelijke erkenning van haar verschijningen dan, die, zo had de Vrouwe beloofd, ze nog zou meemaken.

Begin 1996 komt Bisschop Bomers in conflict met de priesterraad in Haarlem. De raad verweet de bisschop van Haarlem dat hij slechts zijn eigen weg bewandelde.

APRIL 1996
Na diverse gesprekken stemt Ida uiteindelijk toe in een lang telefonisch interview met Mohamed el-Fers, dat plaats vond op 20 april, gevolgd door een tweede op 22 april 1996. "Ik heb u alles verteld. U gaat het toch niet misbruiken?".

MEI 1996
Bisschop Bomers is persoonlijk getuige als hij in de avond van 28 mei 1996 Ida bezoekt en de 90-jarige Ida onbeweeglijk op de grond aantreft. Niet zomaar uit haar bed gevallen. Door "een sterke hand" was ze "opnieuw met bruut geweld naast haar bed" gekwakt.

Was het zijn voorganger Zwartkruis die "de hele boel om zeep had geholpen", Bomers hakt drie dagen na deze gebeurtenis de knoop door en geeft op 31 mei 1996 een mede door hulpbisschop Punt ondertekende verklaring af waarin de openlijke verering van Ida's Maria in de vorm van Vrouwe van alle Volkeren kerkelijk wordt toegestaan.

Kort voor de dood van Ida plaatst De Kerk de Kroon op Ida's lange leven. Een leven waarin zij zich strikt aan iedere wens van kerkelijke zijde voldeed, maar ook van kerkelijke zijde tegenwerking en vernederingen te verduren kreeg.

Na deze mijlpaal leek het alsof Ida's taak voltooid was.

“Nu is het dan toch eindelijk gebeurd. Ik zou het meemaken en ik heb het meegemaakt. Laat Onze Lieve Heer mij nu maar halen!”, sprak Ida toen het nieuws haar werd medegedeeld.

Korte tijd later vertrouwde Ida een bekende toe: “Ik zal niet lang meer leven. Ik ben doodziek. Er is niets meer wat mij nog hier houdt!”


JUNI 1996
Een paar dagen later werd zij ernstig ziek en ontving zij op woensdag 12 juni 1996 het sacrament van de stervende van pater Amadus Korse o.f.m. De pater was diep getroffen door Ida’s bereidheid te sterven.

Twee dagen later drong de huisarts erop aan om de Ida accuut naar het ziekenhuis over te laten brengen. "Voordat de ziekenauto arriveerde, had Ida aan Jannie gevraagd om haar van de slaapkamer naar de benedenverdieping te helpen. Daarbij vielen ze samen van de trap en Peter, de tuinman, droeg de doodzieke Ida de eetkamer in".

17 juni 1996
VU-ziekenhuis De Boelelaan
Op vrijdag 14 juni 1996 werd Ida Peerdeman opgenomen in het VU-ziekenhuis aan De Boelelaan, waar Ida omdat ze dreigde te stikken, nog voor ze een polsbandje met naam en registratienummer omkrijgt, al op een zuurstofapparaat wordt aangesloten.Er mogen niet meer dan twee bezoekers tegelijk bij de patiënt. Slechts een paar mensen kunnen Ida nog bezoeken op de intensive care van het VU-ziekenhuis.
In de vroege morgen van 17 juni 1996 om kwart over vier, de 90-jarige zieneres van de Amsterdamse Mariaverschijning is alleen als ze voorgoed inslaapt.

Na vijftig jaar strikt de kerkelijke aanwijzingen te hebben nageleefd, leefde Ida slechts zeventien dagen met de officiele erkenning. Precies zoals de Vrouwe haar had geprofeteerd.

Mgr. Bomers celebreerde de pontificale uitvaartmis in de kapel aan de Diepenbrockstraat en leidde Ida's bijzetting, bijgestaan door diverse kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders. Niet alleen uit Europa, maar ook uit Amerika en Japan kwam men de laatste eer bewijzen aan zieneres Peerdeman.

MokumTV filmde aan het open familiegraf op begraafplaats Sint Barbera een tot dat toe ongekende gebeurtenis: In aanwezigheid van de Haarlemse bisschop werd aan Ida postuum het habijt verleend. Het witte kloosterkleed wordt door pater Paul Sigl, medewerkerker van de Croatische bisschop mgr. Hnilica, vriend van paus Johannes Paulus II, op de doodkist geworpen. Ida's nicht Heleen van der Heyden-Peerdemans (dochter van Ida's enige broer Piet) hield een geëmotioneerde toespraak. In de uitzending van de begravenis waren fragmenten van het interview dat Mohamed el-Fers kort voor de dood van de zieneres had gemaakt.

Kerkelijke erkenning
In 1996 werd de eerste stap gezet om kerkelijk te erkennen dat Maria tussen 1945 en 1959 aan Ida Peerdeman was verschenen. Minder dan twee weken smaakte de 90-jarige mej. Peerdeman de voldoening van de een leven lang verwachtte kerkelijke erkenning van haar Mariaverschijning.

1997
Nu de openlijke verering en het door Maria aan Ida gedicteerde gebed zijn goedgekeurd, is de kans dat het uiteindelijk tot een zalig, cq. heiligverklaring van Ida Peerdeman zal komen, aanzienlijk gestegen.

Tijdens de Internationale Conferentie in Amsterdam in 1997 zegt hulpbisschop Punt dat hij 50 jaar geleden als kind door zijn moeder werd opgedragen aan Maria van Alle Volkeren. Punt zorgt er voor dat er in 1997 opnieuw door het Vaticaan een commissie wordt ingesteld om de kwestie te onderzoeken.

SEPTEMBER 1998
De 62-jarige Mgr. Bomers sterft plotseling op zaterdagochtend 12 september 1998 op straat bij het postkantoor aan de Raaks in Haarlem en wordt een week later onder massale belangstelling na zijn uitvaartmis in de kathedrale basiliek Sint Bavo begraven in het bisschopsgraf op het kerkhof van Overveen.

APRIL 2000
Op 12 april 2000 heeft het college van B&W Amsterdam de grondexploitatiebegroting voor het plan met de inmiddels gekraakte Thomaskerk (de Thomas van Aquino-kerk in de Rijnstraat, niet te verwarren met de hervormde Thomaskerk in de Prinses Irenestraat bij het WTC) vastgesteld. Het is de kerk nauw verboden aan de verschijiningen van de Amsterdamse Maria. Het plan omvat de sloop van de Thomaskerk en de bouw van 400 m² winkels, twintig sociale huurwoningen voor ouderen en dertien vrije sectorwoningen.

OKTOBER 2001
Op zaterdag 1 oktober 2001 wordt dr. J.M. Punt door kardinaal Simonis, voorzitter van de Nederlandse bisschoppensynode, geïnstalleerd als dertiende rooms-katholieke bisschop van Haarlem.

JANUARI 2002
Op donderdag 31 januari 2002 heeft de president van de Amsterdamse Arrondissementsrechtbank de krakers van de Thomas van Aquinokerk in het gelijk gesteld en hoeven zij de kerk aan de Rijnstraat niet op korte termijn te verlaten. In zijn vonnis oordeelde de rechter dat het spoedeisende belang dat het stadsdeel aanvoerde, onvoldoende is aangetoond.

JUNI 2001
Op zaterdag 16 juni 2001 hoorden meer dan tweeduizend mensen uit Nederland en België in de Jaap Edenhal pater A.Spauwen S.J. voor het eerst getuigen over de kracht van het gebed. Pater Spauwen had het daadwerkelijk tijdens zijn exorcisme-praktijk ondervonden dat het niet zomaar een gebedje was.

8 JUNI 2002
De grote klapper volgde tijdens de Nationale Gebedsdag van de Amsterdamse Mariaverschijning op 8 juni 2002. Tijdens deze gebeurtenis heeft de plaatselijke bisschop, mgr. dr. Jos M.Punt, als zijn oordeel uitgesproken dat de verschijningen in Amsterdam, die plaatsvonden tussen 1945 en 1959, een "bovennatuurlijke oorsprong" hebben. Verschillende mensen vragen tijdens deze bijeenkomst aan MokumTV alles in het werk te stellen om de Thomaskerk als originele Mariaverschijningsplek te redden voor de slopershamer. Helaas haddden de stadsdeelbobo's geen enkele pieteit voor deze heilige plek en werd de Thomaskerk gesloopt.

  Het is
-
IDA PEERDEMAN (1905 - 1996)
copyright MokumTV Amsterdam
Unieke opname Ida Peerdeman bij MokumTV

De Groene Amsterdammer nummer 26 / 2002:
De Maria-zieneres van Amsterdam
Vrouwe van Alle Volkeren
Na jaren verguisd te zijn kreeg de Amsterdamse Ida Peerdeman (1905-1996) deze maand kerkelijke erkenning als Maria-zieneres. Mohamed el-Fers slaagde er als enige journalist in haar kort voor haar dood te interviewen over haar wonderbaarlijke en soms angstwekkende jaren als katholiek medium.

--- door Mohamed el-Fers

Op 8 juni 2002 las de bisschop van Haarlem mgr. J.M. Punt in een bomvolle Jaap Edenhal een verklaring voor waarin de bovennatuurlijke oorsprong van de verschijningen van Maria in Amsterdam aan de Amsterdamse zieneres Ida Peerdeman officieel werd erkend. De bisschop zei na gebed en theologische reflectie te hebben vastgesteld dat Ida Peerdeman tussen 1945 en 1961 in totaal 56 authentieke verschijningen van Maria heeft gekregen. De bisschop wees onder meer op de vele gevallen van wonderbaarlijke genezingen nadat men tot de «Vrouwe van Alle Volkeren» van Peerdeman had gebeden.
Voor Ida Peerdeman (1905-1996) kwam de erkenning te laat. Decennialang was zij in kerkelijke kringen omschreven als een hysterica. Ook de katholieke pers had haar vaak gedemoniseerd. Niet dat Ida te koop liep met haar Mariaverschijningen. Elk interview werd beslist afgewimpeld, dit nadat de KRO haar onheus had behandeld. Ida Peerdeman: «Dat was heel in het begin. De KRO had me wat moois geleverd en me uitgezonden met een zwart blokje voor mijn ogen. Ze beschouwden me als een hysterica.»
In 1996 stemde ze echter toe in een lang telefonisch interview. Het gesprek vond plaats op 20 april, gevolgd door een tweede op 22 april. Kort voor haar dood op 17 juni 1996 ontmoette ik haar in haar kapel aan de Amsterdamse Diepenbrockstraat. Het was een bijzondere conversatie, omdat Ida Peerdeman naar eigen zeggen dingen zei «die ze nog nooit eerder tegen iemand had gezegd». Ze sprak vrijuit over het onderzoek van de bisdommelijke commissie inzake haar Mariaverschijningen en het psychologisch onderzoek dat werd ingesteld op verzoek van de bisschop, en waaruit bleek dat zij volledig normaal was. Ida Peerdeman had geen beeldend voorstellingsvermogen, maar beschikte wel over een dosis relativerende humor, en was veeleer nuchter dan geëxalteerd.

Terug naar het begin. Ida Peerdeman was twaalf jaar oud toen ze, op zaterdag 13 oktober 1917, na in de dominicaner kerk in de Amsterdamse Spuistraat te hebben gebiecht, op straat een wonderschone dame in een verblindend licht gewaar werd. Ze was gekleed in een lang wit gewaad en een sluier. Dit kan alleen de Heilige Maagd zijn, dacht Ida. Het was de dag dat de laatste van de zes befaamde verschijningen van Maria in het Portugese Fatima plaatsvond.
Toen Ida eenmaal was thuisgekomen, begon nen er manifestaties die in een Polter geist-film niet zouden hebben misstaan. Lampen gingen woest heen en weer. Deuren openden en sloten zich vanzelf. De wijzers van de klok gingen als waanzinnig geworden ronddraaien. De oven die zelden werd gebruikt, begon vanzelf te roken.
In diezelfde oktobermaand verscheen haar de dame voor de tweede keer. Ida sprak er thuis over, maar niemand nam haar verhaal serieus.
Ondertussen bleven ook de buitengewone manifestaties aanhouden, zodanig dat Ida’s biechtvader, pater J. Frehe, uiteindelijk met toestemming van de bisschop van Haarlem de eeuwenoude uitdrijvingsrituelen van het exorcisme op haar toepaste. Na de nodige besprenkelingen met wijwater, opleggingen van relikwieën en kruisbeelden verliet Satan met tegenzin haar lichaam. Het laatste wat de duivel tegen pater Frehe zei was: «Jullie priesters, ik zal klaarkomen met jullie!» Op weg naar huis raakte de pater ernstig gewond als gevolg van een val door een ijzeren rooster.

Na twee jaar ulo-onderwijs ging Ida Peerdeman aan het werk bij Boldoot, de fabriek bekend van het gelijknamige reukwater. Dagelijks kwam ze met de fiets uit Zuid naar de neogotische kantoren van de eau de cologne-fabriek aan de Haarlemmerweg. Ze begon er als jongste bediende.
In 1935, het jaar dat haar vader stierf, verhuisden Ida en haar drie zusters vanuit Amsterdam Centrum naar de Uiterwaardenstraat 408-3 in de Rivierenbuurt. Tien jaar later liet Maria zich hier opnieuw zien. Tegenover buitenstaanders hield Ida stijf de lippen op elkaar. «Niemand, zelfs onze beste kennissen niet, wisten van mijn verschijningen.»
Dat veranderde toen de Heilige Maagd tijdens de mis in een bomvolle Thomaskerk in de Amsterdamse Rijnstraat plotseling in vol licht aan haar verscheen. Ida Peerdeman: «Vreselijk vond ik het. Toen hoorde ik ineens Haar stem die zei: ‹Sta op en kom naar de kapel.› Dat was een klein kapelletje achterin, waar ze ook wel stoelen neerzetten. Meer een hok. Toen is het begonnen. Een licht ging me voor. Ik liep er achteraan, dwars door die bomvolle kerk heen. Toen Maria weer verdwenen was, schrok ik van al die mensen om me heen. Alle mensen bleven in de Rijnstraat staan wachten. Wij zijn toen via de achteruitgang van de pastorie in de Lekstraat met de taxi gauw naar huis gegaan. Een van die paters stond bij de uitgang en zei: ‹Mensen loop toch door, die juffrouw is hysterisch.› Dat was het eerste wat ik hoorde.»
De pastoor zou aan Ida vragen of ze niet op een wat passender moment van de heilige mis haar verschijningen kon hebben — het gaf zo’n onrust. «Een paar paters vonden dat ze al die herrie in hun kerk niet konden hebben.»

De Vrouwe, omgeven door licht, sprak langzaam. Ida sprak haar na en haar zus, onderwijzeres in de Spaarndammerbuurt, tekende de teksten op. Ook dicteerde de Heilige Maagd een gebed dat in alle bekende talen zou moeten worden vertaald (en inmiddels inderdaad in zo’n 110 miljoenen exemplaren over de wereld is verspreid).
Op 31 mei 1956 (Sacramentsdag) had Ida Peerdeman reeds haar 52ste verschijning. Bij die gelegenheid wees Maria haar vanuit de woning in de Uiterwaardenstraat 408-3 de plaats aan de Zuidelijke Wandelweg waar de Alle Volkeren-kerk zou moeten komen. De Vrouwe toonde Ida in een driedimensionaal visioen het model van de kerk, te bouwen op de plek waar tegenwoordig de Rai staat.
Ida schrok en zei: «Vrouwe, wat is dat nou? Dat is toch helemaal geen katholieke kerk? Geen torens, maar drie koepels. Heel vreemd. Als ik nu zo’n moskee zie, dan denk ik tjemig.»

Vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog krijgt Ida Peerdeman in visioenen beelden door over de komende oorlog in Europa. Ze ziet de rivier de Oder gevuld met bloed, gevechten in de Betuwe, Mussolini opgehangen aan zijn voeten. Ze beschrijft Hitlers Adelaarsnest-bunker in de bergen van Berchtesgaden. Tijdens deze visoenen staart ze in het oneindige en vertelt langzaam aan de aanwezigen wat ze hoort en ziet. Alles wordt in een apart schriftje opgetekend. Haar geestelijk leidsman, pater Frehe, heeft haar opgedragen uitsluitend de letterlijke teksten die de Vrouwe spreekt op te schrijven.
Ida Peerdeman: «Wat ik erbij zag, dat mocht niet. Het moesten zuiver de woorden van Maria zijn. Niet wat ik erbij zag. Al die toestanden, die moorden, oorlogen, aids. Vroeger dacht ik: wat is dat allemaal? Toen dacht ik dat het cholera was. Vroeger wist je nog niet van aids. Nu zie je het op televisie.»
Ida zal tot 1948 bij Boldoot werkzaam blijven. Uiteindelijk komt ze als assistant-tijdschrijver op de fabrieksvloer terecht. Inmiddels houden de Amsterdamse verschijningen de katholieke wereld in hun ban. De verering neemt dusdanige vormen aan dat bisschop Huibers in 1951 laat weten dat hij geen bezwaar heeft tegen het door Maria gedicteerde gebed en de op aanwijzingen van de zieneres vervaardigde afbeelding van Maria. Huibers én het Vaticaan benadrukken dat ze niets bovennatuurlijks zien in de gebeurtenissen. Dat de kerkelijke top eerst tegenwerkt, is gebruikelijk; dat was ook in Lourdes en Fatima het geval.
Ida Peerdeman: «Er was wel eens iemand die zei dat het onbegrijpelijk was dat ze het niet aannamen. Antwoordde ik met: de kerk moet voorzichtig zijn. Dat zie je nu in Amsterdam met die andere verschijningen (van O.L. Vrouwe ter Staats in Stadsdeel Westerpark — me-f). Stel je voor...»
Over de commissie onder mgr. Huibers: «Ja, die waren gelijk al tegen. U begrijpt wel hoe dat aangepakt werd. Degene die erover ging, die leeft nog. U hebt ze misschien wel eens gezien op tv, die mooie heren.»

Ida moest zich in 1955 onderwerpen aan een onderzoekscommissie waarin onder anderen de latere kardinaal dr. J. Willebrands en de katholieke psychologe J.M. Perquin-Gerris zaten. Ze werkte mee, maar ze had haar bedenkingen.
Ida Peerdeman: «Over die verschijningen mocht ik eerst helemaal niets vertellen. Wel moest ik in Heiloo naar die psychologe. Kreeg ik een foto voor mijn neus. Een vrouw die via een raam naar buiten keek. Daar moest ik over vertellen wat ze dacht. Ik zei: dat is een plaatje, mevrouw. Toen werd ik alleen gelaten en moest ik opschrijven waar ze over dacht. Ik heb een regel geschreven en zo’n half uur met mijn armen over elkaar gezeten. Ik had geschreven dat het een plaatje was en dat ik onmogelijk kon weten wat die vrouw op dat plaatje denkt. Nou, die psychologe was razend. Ze zei me dat er mensen waren die wel twintig bladzijden volschreven. Daarna kreeg ik platen met inktvlekken. Wat ik daarin zag? Ja, gewoon inkt die was uitgelopen. Vroeg ze me of ik er misschien een hondje, een paard of een gezicht in zag. Nou, dat kon ik er niet in ontdekken.
En met Pasen, we waren net aan het paasontbijt, belde de psychologe met een prangende vraag. Wilde ze weten of ik borstvoeding had gehad.»
De commissie gaf een negatief advies, dat door Rome werd bekrachtigd. Onder bisschop Zwartkruis kwam het opnieuw tot een onderzoek. Hoewel een lid van zijn onderzoekscommissie liet weten dat Lourdes op mindere gronden door de kerk was erkend, verbood Zwartkruis de devotie. Maar de wereldwijde verering van de Amsterdamse Maria bleek niet meer te stoppen. Zwartkruis’ opvolger bisschop H. Bomers had duidelijk minder moeite met de verschijningen van de Allerheiligste Moedermaagd in zijn diocees.
Ida wist dat het allemaal wel goed zou komen. Een paar weken voor haar dood sprak ze: «Een bisschop vanuit Rome zei me: Ida, het is nu al vijftig jaar. En na vijftig jaar is alles nu pas uitgekomen. We leven midden in de boodschappen. Het is allemaal uitgekomen.» Ze was verheugd over de komst van hulpbisschop Punt. «Da’s een hele goeie.»

De laatste jaren van haar leven werd Ida Peerdeman net als in haar jeugd weer overvallen door duistere machten. Toen ze medio jaren tachtig ging wonen aan de Amsterdamse Diepenbrockstraat werd ze diverse malen uit haar bed opgetild, heen en weer gerammeld en in een hoek van de kamer gekwakt . In verband met deze satanische manifestaties werd ze in 1996 thuis bezocht door de Haarlemse bisschop Bomers, die kort daarop een eind maakte aan het bisschoppelijk verbod op de verering van Ida’s Maria onder de titel Vrouwe van Alle Volkeren. Ida Peerdeman stierf kort daarna, op 17 juni 1996. Haar uitvaartmis werd geleid door bisschop Bomers. Postuum werd haar op het graf het habijt van de nonnen van de Familie van Maria Medeverlosseres verleend. Haar woning is nu het klooster van deze religieuze orde, die alle heil van Maria verwacht. Hier vandaan worden dagelijks pallets vol bidprentjes en afbeeldingen van de Amsterdamse Mariaverschijning over de hele wereld verzonden. Alleen zo kan «de verwording» van de wereld worden voorkomen.
Uit De Groene Amsterdammer nummer 26/2002

HET GEBED

Heer Jezus Christus,
Zoon van de Vader,
zend nu Uw Geest over de aarde.
Laat de Heilige Geest wonen in de harten van alle Volkeren,
opdat zij bewaard mogen blijven voor verwording, rampen en oorlog.
Moge de Vrouwe van alle Volkeren,
die eens Maria was,
onze Voorspreekster zijn.
Amen.

 

 

-
Ida bij MokumTV
appeltjes van oranjeMokumTV filmde als enige Ida in leven en van haar uitvaart. Meer Ida.
Ida in de MariaBode
Naast de unieke documentaire meer over Ida in de mariabode

Na 50 jaar zwijgen
Na 50 jaar zwijgen. Kern van de uitzending zijn de gesprekken van zieneres Ida Peerdeman met Mohamed el-Fers. Voor het eerst (en laatst) sprak Ida openhartig over haar onlangs kerkelijk goedgekeurde verschijningen, de bisdommelijke onderzoekscommissie, haar werk bij Boldoot en haar vijftig jaar zwijgen. Nooit eerder liet een (nu officieel erkende) Maria-zieneres zich zo uitvoerig interviewen. In deze documentaire ziet en hoort u verder de bisschoppen mgr. H. Bomers tijdens de begravenis van Ida en mgr. J. Punt en kardinaal Musa Daoud tijdens de pontificale plechtigheid in de Jaap Edenhal, waarbij Ida's boodschappen tot bovennatuurlijk werden verklaard. Verder met mevr. Theresia van Meeteren en drs. A. Leeman, voorzitter van de Stichting Vrouwe van alle Volkeren. U ziet verder de Sint Laurentiuskerk in Alkmaar en het font waar Ida werd gedoopt, de kathedraal-basiliek Sint Bavo te Haarlem, de Hagia Sofia, ooit grootste kerk van de christenheid in Istanbul, de kapel van Maria van alle Volkeren en de Thomas van Aquino-kerk in Amsterdam.

De verdwenen Thomaskerk
Toen eind mei 2002 de verschijningen van Maria als Vrouwe van Alle Volkeren door de R.K. kerk zijn goedgekeurd, probeerden we de kerk waar de Heilige Maagd in Amsterdam is verschenen te redden. Het heilidom is inmiddels door het stadsdeel gesloopt, Krakers probeerden tevergeefs deze heiligschennis van stadsdeelvoorzitter Paul Beving en portefeuillehouder Piet Polderman te voorkomen. Polderman en Beving beweerden dat de parochiegemeenschap destijds als voorwaarde bij de verkoop stelde dat het terrein van de te slopen Thomaskerk bejaardenwoningen moesten worden gebouwd en dat het niet nakomen van deze voorwaarde het stadsdeel op een claim van ruim 226.000 euro zou kunnen komen te staan. De Thomaskerk had een heiligdom van internationale allure kunnen worden. Het parochiebestuur werd door de opheffing van de erfpacht en de verveertigvoudigde grondprijs gedwongen het pand te verlaten! Niet omdat er iets aan de Thomaskerk zou mankeren.

Zonder een greintje begrip voor de religieuze waarde van zo'n uniek gebouw, te dom om de gigantische exploitatie-mogelijkheden voor heel Zuideramstel te onderkennen, verstrekte het stadsdeel zichzelf een sloopvergunning voor de Thomas van Aquinokerk aan de Rijnstraat 93. In een Kort Geding probeerden ze de rechter te overuigen dat de krakers er snel uitgeruimd moesten worden. Zonder succes.

Inplaats respect te tonen voor de rechterlijke macht, greep het stadsdeel een poging tot brandstichting aan de brandweer een brandveiligheidsrapport te laten maken. De normen die gehanteerd werden, gingen echter uit van een nieuwbouwsituatie. Zodat de krakers nooit aan de eisen konden voldoen. Wat bij de rechter niet lukte, wisten ze via een brandveilighedsrapport te bereiken. De Thomaskerk werd een stadsdeelproject en mocht niet voor komende generaties gespaard blijven als Mariaal centrum op de plek waar de hemel de aarde raakte en de Moeder Maagd zich vertoonde.

Profetie
Volgens de Essenen in de Dode Zeerollen zou er ooit iemand komen die als 'de Vrouwe van alle volkeren' vereerd zou worden. Tussen 1945 en 1959 is een zich zo noemende gestalte verschenen aan de Amsterdamse Ida Peerdeman.

Mariaverschijningen zijn geen ongewoon fenomeen in Rooms Katholieke kringen. Al vanaf de vroege middeleeuwen bestaan er berichten over de verschijningen van de Allerheiligste Maagd. De spectaculairste Mariaverschijningen vonden plaats in het zuidfranse Lourdes, het Duitse Dorsten-Holsterhausen in het Rurhrgebied, het Portugese Fatima, de Belgische dorpjes Banneux en Beauraing en in Amsterdam zelf twee verschillende manifestaties van de Heilige Maagd: de Staatsliedenbuurtverschijningen van OLVrouw ter Staats aan het eind van de '80er jaren en de Rivierenbuurtverschijningen in de '40er en '50er jaren van de OLVrouwe van Alle Volkeren aan Ida Peerdeman. Zieneres Ida mocht een paar dagen voor haar dood de eerste aanzet tot kerkelijke goedkeuring meemaken: toestemming tot aanbidding van haar Madonna werd verleend door de Haarlemse bisschoppen Bomers en diens hulpbisschop Punt.

Mgr. Jos Punt zou op 8 juni 2002 de voorlopige kroon, na overleg met de bevoegde instanties te Rome, op het hoofd van de Heilige Maagd plaatsen. De schriftelijke verklaring die hij tijdens een massabijeenkomst in de Jaap Edenhal voorlas, liet aan duidelijkheid niets te wensen over. Volgens het oordeel van de bisschop, en geheel in overeenstemming met het katholiek leergezag betrof het hier wel degelijk echte Mariaverschijningen.

De bisschop heeft desgevraagd in een brief aan een dertigtal bisschoppen over de hele wereld als zijn oordeel uitgesproken, dat de verschijningen van Maria in Amsterdam, tussen 1945 en 1959, een bovennatuurlijke oorsprong hebben.

Ten aanzien van zijn positie t.o.v. de H. Stoel schrijft de bisschop: "In volle erkenning van de verantwoordelijkheid van de H.Stoel heeft primair de lokale bisschop de taak zich in geweten uit te spreken over de authenticiteit van private openbaringen die in zijn diocees plaatsvinden of plaatsgevonden hebben".

De bisschop citeert kardinaal Ratzinger, die stelt dat ook authentieke beelden en visioenen "door het filter" gaan "van onze zinnen die een vertaalwerk uitvoeren..." en "...worden beïnvloed door de mogelijkheden en beperkingen van het ontvangend subject".

De brief is gedateerd en verzonden op 31 mei. Hieronder de integrale tekst van de verklaring van het bisdom Haarlem betreffende de Mariaverschijningen in Amsterdam.

BISDOMMELIJKE ECHTHEIDSVERKLARING AMSTERDAMSE MARIAVERSCHIJNINGEN

Tekst die mgr. Punt zaterdag 8 juni 2002 persoonlijk heeft voorgelezen in de Jaap Edenhal

Als Bisschop van Haarlem is mij gevraagd mij uit te spreken over de authenticiteit van de verschijningen van Maria als Vrouwe van alle Volkeren te Amsterdam in de jaren 1945 - 1959. Vele gelovigen en bisschoppen hebben gewezen op de dringendheid om hierin helderheid te verschaffen. Ook ik ben mij ervan bewust dat de ontwikkeling van de devotie gedurende meer dan vijftig jaar hierom vraagt.

Zoals bekend hebben mijn voorganger, Mgr. H. Bomers, en ikzelf in 1996 de publieke verering vrijgegeven. T.a.v. het bovennatuurlijk karakter van de verschijningen en de inhoud van de boodschappen spraken wij geen oordeel uit, maar verklaarden dat "het eenieder vrij staat zich hierover naar eigen geweten een oordeel te vormen". Vanuit een positieve grondhouding m.b.t. de authenticiteit kozen wij ervoor om de verdere ontwikkelingen af te wachten en de geest verder te beproeven (vgl. 1 Tess. 5:19-21).

Inmiddels zijn weer zes jaar verstreken. Ik constateer dat de devotie een plaats verworven heeft in het geloofsleven van miljoenen mensen overal ter wereld en gesteund wordt door vele bisschoppen. Ook worden mij ervaringen gemeld van bekering en verzoening, alsook van genezing en bijzondere bescherming.

In volle erkenning van de verantwoordelijkheid van de H. Stoel heeft primair de lokale bisschop de taak zich in geweten uit te spreken over de authenticiteit van private openbaringen die in zijn diocees plaatsvinden of plaatsgevonden hebben.

Daartoe heb ik nogmaals advies gevraagd aan enkele theologen en psychologen m.b.t. eerdere onderzoeksresultaten en de daarin opgeworpen vragen en objecties. Deze adviezen geven aan dat daarin geen fundamentele theologische of psychologische impedimenten voor de vaststelling van bovennatuurlijke authenticiteit vervat zijn. Ook heb ik t.a.v. de vruchten en verdere ontwikkeling het oordeel gevraagd van een aantal collega-bisschoppen, die in hun diocees een sterke verering kennen van Maria als Moeder en Vrouwe van alle Volkeren. Als ik al deze adviezen, getuigenissen en ontwikkelingen overzie en dit alles in gebed en theologische reflectie overweeg, dan brengt dat mij tot de vaststelling dat in de verschijningen van Amsterdam een bovennatuurlijke oorsprong gegeven is.

Uiteraard blijft de invloed van de menselijke factor bestaan. Ook authentieke beelden en visioenen gaan -in de woorden van Jozef kardinaal Ratzinger, Prefect van de Congregatie van de Geloofsleer- altijd "door het filter van onze zinnen die een vertaalwerk uitvoeren ..." en "... worden beïnvloed door de mogelijkheden en beperkingen van het ontvangend subject." (Cardinal Ratzinger, Theological Commentary In Preparation for the Release of the Third Part of the Secret of Fatima, L'Osservatore Romano, June 28, 2000).

Anders dan de Heilige Schrift is de private openbaring dan ook nooit bindend voor het geweten van de gelovige. Het is te zien als een hulpmiddel om de tekenen van de tijd te verstaan en het evangelie in z'n actualiteit voller te beleven (vgl. Lc. 12:56; Katechismus van de Katholieke Kerk, nr. 67). En de tekenen van onze tijd zijn dramatisch. De devotie tot de Vrouwe van alle Volkeren kan ons, naar mijn oprechte overtuiging, helpen de juiste weg in de dramatiek van onze tijd te vinden, de weg naar een nieuwe bijzondere komst van de Heilige Geest, Die alleen de grote wonden van onze tijd kan helen.

Om de verdere ontwikkeling van de devotie te volgen en tot een verdiept inzicht in de betekenis te komen, heb ik een begeleidingscommissie benoemd. Haar taak zal het zijn om alle initiatieven, ervaringen en getuigenissen te documenteren, ze te beoordelen, en een correcte kerkelijke en theologische voortgang van de devotie te bevorderen

Ik hoop hiermee voldoende informatie en duidelijkheid te hebben gegeven.

Haarlem, 31 mei 2002
Mgr. J. Punt

DE MAKERS
Nieuwsgierig naar de mensen die MokumTV maken zonder dat ze daar een cent voor krijgen? Dat zijn René Zwaap en Mohamed el-Fers. En natuurlijk hopen we van harte dat U MokumTV zult steunen

CREDITS

Aan het einde van de uitzendingen van MokumTV over Ida Peerdeman, onregelmatig uitgezonden tussen 1996-2002 door de Salto Omroep Stichting te Amsterdam, werd op de aftiteling o.a. de onderstaande bronnen vermeld:

Een door zieneres Ida Peerdeman ondertekende verklaring dd. 22 oktober 1979.
'De Boodschappen van de Vrouwe van alle Volkeren', ofwel 'Het Blauwe Boekje", editie 1972, Comité 'Vrouwe van alle Volkeren'
De MariaBode-tapes met o.a. Mgr. H. Bomers over de Amsterdamse Mariaverschijningen, 1989, Amsterdam.
De geheel gecorrigeerde editie van de Boodschappen van de Vrouwe van alle Volkeren', ofwel 'Het Blauwe Boekje", 1996 Stichting Secretariaat 'Vrouwe van alle Volkeren' Amsterdam.
Theresia van Meeteren, medewerkster Stichting Secretariaat 'Vrouwe van alle Volkeren' Amsterdam.
Drs. A. Leeman, voorzitter Stichting Secretariaat 'Vrouwe van alle Volkeren' Amsterdam.
'Maria en de verschijningen te Amsterdam' van dr Louis Knuvelder, 1959, Pax Den Haag.
'Het zal met de jaren uitkomen', dr G.Th.H. Liesting S.S.S., 2de druk Comité 'Vrouwe van alle Volkeren', Amsterdam 1974.
'De boodschap van de Vrouwe van Alle Volkeren', H.A. Brouwer a.a., 1967 Comité 'Vrouwe van alle Volkeren', Amsterdam.
'Rozegeur en maneschijn. Een geurige geschiedenis', uitg. t.g.v. het 175-jarig bestaan van de Eau de Colognefabriek J.C. Boldoot te Amsterdam, mei 1964.
Vrouwen van Boldoot. Werkgroep Gelijke Lonen. Vijf jaar Dolle Mina.
De Staatskrant, div uitgaves 1996-2002.
Verdere informatie vonden we op de officiele website van het comité: http://www.de-vrouwe.nl/.


All Rights Reserved - Stichting Mokum Plus Amsterdam
MMIV by Mohamed el-Fers, René Zwaap and MokumTV

 

Totaal bezoekers van deze site op