Most Macho in Amsterdam
www.mokumtv.nl
email
REACTIE

Fikri op ezboard over de Gerard Reve uitzending HENGSTENSTENGEL:
Was dat nu echt nodig, zo'n Mokum TV uitzending over Gerard Reve? Waarom geen enkele aandacht voor de Belgische slachtoffertjes van zijn pedovriend? Omdat het Mokro's zijn? Denk je naar zo'n gezellig uurtje Mokum te kijken en wordt er uitgebreid over de impotentie en de grootte van de lul van Reve gesproken door kerels die allemaal beweerde nooit met Reve naar bed te zijn geweest. En dat heet de Betere Literaire Cultuur van Nederland te zijn? Grrrrrrrrrr.

MokumTV
meer

Tot de renovatie sierde een plaquette het geboortehuis van de schrijver Gerard Reve in de Van Hallstraat in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt.
Martin Bril vroeg zich op 15 mei 2001 in Het Parool af "waarom er geen plaquette aan nummer 25 hing, een eenvoudig bordje desnoods, dat meldt wie hier geboren zijn. Van Hallstraat 25. Hier stond de wieg van Karel en Gerard van het Reve. Daarna nam ik me voor dit stukje te schrijven. Benieuwd hoe lang het stadsdeel Westerpark erover gaat doen om zo'n bordje aan de muur te krijgen. Ik gok enige jaren."

 

 

 

Het is

MokumTV documentaire bij zijn 80ste verjaardag
GERARD REVE's HENGSTENSTENGEL

flyer Gerard Reve'd HengstenstengelReve is ziek, lijdt aan Altzheimer en is sinds kort weer thuis in Machelen in België. Toch is zijn verjaardag reden voor een groots feest. MokumTV komt op zaterdag 20 december 2003 met de documentaire GERARD REVE's HENGSTENSTENGEL. Vanafde plek waar Gerard op 14 december 1923 werd geboren. Van Hallstraat 25, hoek Joan Melchior Kemperstraat in de roemruchte Amsterdamse Staatsliedenbuurt ONTHULLINGEN OVER hoe Gerard vroeger met zijn 'hengstenstengel' zwaaide als Mannelijke Meester. Met de unieke beelden van de onthulling van een Reve-kist aan de muur van zijn geboortehuis door stadsdeelkunst & cultuurwethouder Dick Jansen. Plus beelden van een hillarisch telefoongesprek dat Theodor Holman had met Gerard Reve en Joop Schafthuizen van het stadsdeel een "Geboortekastje".

Voor de deur van Reve's geboortehuis liggen het eindpunt van tramlijn 10 en een bushalte van lijn 18. Nummer 25 is een gewoon bakstenen negentiende-eeuws huis, driehoog en smal, met beneden op de beletage en de hoek een winkel. Vader was de op 11 april 1892 in Enschede geboren Gerardus Johannes Marinus van het Reve. Die trouwde op 22 juli 1916 met Net (Jannetta Jacoba) Doornbusch, die zojuist was teruggekeerd van een verblijf in Australië, waar ze in de huishouding had gewerkt. Het echtpaar vestigd zich in de Van Hallstraat op nummer 25, hoek Joan Melchior Kemperstraat. Na vier doodgeboren kinderen werd in 1921 de eerste zoon en latere slavist Karel van het Reve (1921-1999). geboren. Kort daarop, in 1922 bezocht de zeer communistische pa Van het Reve het Derde Comintern-congres in Moskou. Hij maakte er de revolutie-herdenking mee en zag zowel Lenin als Trotski. In De Tribune deed hij verslag van zijn reis.

Gerard (links) met broer Karel en moeder Nettie1924 Ruim een jaar na Gerards geboorte verhuist het gezin naar de Ploegstraat in Betondorp (Amsterdam-Watergraafsmeer).

1938 De familie Reve verhuist naar de Jozef Israelskade 116-I, het huis dat als Schilderskade 66 het decor vormt van De avonden (1947).

1940 Gerard K. van het Reve debuteert met de in eigen beheer uitgegeven dichtbundel Terugkeer.

1940-1943 Reve heeft het Vossius-gymnasium verruild voor de Grafische School. In deze tijd doet hij een eerste zelfmoordpoging.

1945 Reve belandt bij de psychiater C.J. Schuurman, die hem tot schrijven aanzet.

1945-47 Reve werkt als verslaggever bij het dagblad Het Parool.

1947 De avonden verschijnt. Gerard Kornelis van het Reve publiceerde De Avonden onder de naam Simon van het Reve omdat hij een bewonderaar was van Simon Vestdijk. Later veranderde hij zijn naam in Gerard Reve, passend bij zijn theorie over namen van tweemaal 2 lettergrepen. Reve ontvangt er de Reina Prinsen Geerligsprijs voor. Godfried Bomans spreekt van `mensonterend proza'.

1948 Reve trouwt met de dichteres Hanny Michaelis.

1949 Werther Nieland verschijnt.

1950 De ondergang van de Familie Boslowits verschijnt (in 1946 gepubliceerd in het tijdschrift Criterium). De auteur noemt zich nu G.K. van het Reve.

1951 Reve besluit uitsluitend nog in het Engels te schrijven. Een aan Reve toegekende reisbeurs door de toenmalige staatssecretaris van OK en W J.M.L.Th. Cals wordt niet uitgekeerd, vanwege het vermeend pornografische karakter van de Engelstalige novelle Melancholia. Tussen 1952 en 1957 verblijft Reve geregeld in Londen, waar hij werkt in een neurologisch ziekenhuis en een toneelcursus volgt.

1956 Reves Engelstalige The Acrobat and other stories verschijnt. Reve en Michaelis gaan uit elkaar en Reve begint een verhouding met Wim Schuhmacher (`Wimie').

1959 Het overlijden van moeder Reve op 11 september 1959. Reve en Michaelis scheiden officieel. Reve wordt redacteur van het tijdschrift Tirade.

1960 Reve schrijft het aan zijn Engelse vriend Angus Wilson opgedragen A Prison Song in Prose, in eigen beheer uitgegeven in 7 exemplaren en acht jaar later verschenen in een handelseditie. Kort daarna besluit hij weer in het Nederlands te publiceren. Reve ontvangt de mr. H.G. van der Vies-prijs voor het nooit opgevoerde toneelstuk Moorlandshuis.

1962 Reves toneelstuk Commissaris Fennedy (1962) wordt opgevoerd door het Rotterdams Toneel. In deze periode schrijft Reve toneel en toneelkritieken, en vertaalt toneelstukken van Pinter en Albee. Op een schrijversconferentie in Edinburgh openbaart hij publiekelijk zijn homoseksualiteit.

1963 Hanny Michaelis heeft The Acrobat and other stories vertaald, de bundel die in iets gewijzigde vorm als Vier wintervertellingen in 1963 in het Nederlands verschijnt. Reve ontvangt de prozaprijs van de Gemeente Amsterdam voor Tien vrolijke verhalen (1961). Met het verschijnen van zijn reisbrieven in Tirade blijkt Reve een nieuwe vorm te hebben gevonden. Ze worden gebundeld onder de titel Op weg naar het einde. Reve woont nu samen met Wimie in Amsterdam. Hij zoekt aansluiting bij de katholieke kerk, wat hem de hoon oplevert van een deel van het literaire establishment. Reve reist op de bromfiets naar Spanje, Marokko en Portugal, deels gefinancierd door de bevriende havenbaron Ludo Pieters en de vader van de dichter Hans Lodeizen.

1964-65 Reve voert satirische sketches op in het VARA-tv-programma Zo is het toevallig ook nog `s een keer. In 1964, op 16-jarige leeftijd, ontmoette loverboy Schafthuizen Grerard Reve voor het eerst.

1965 Vader Reve hertrouwd op 23 september 1965 met Johanna de Jong. Dit huwelijk bleef kinderloos.

1966 Reve treedt officieel toe tot de rooms-katholieke kerk. Voor Op weg naar het einde ontvangt hij de romanprijs van de gemeente Amsterdam. Op de legendarische manifestatie Poëzie in Carré draagt hij, gehuld in een hooggesloten wit kostuum, zeven `geestelijke liederen' voor, zoals hij zijn gedichten noemt. Nader tot U verschijnt in een bundel die verrijkt is met Reves eerste geestelijke liederen. Een in Nader tot U verwoorde fantasie, waarin de schrijver met een als ezel geïncarneerde God de geslachtsdaad bedrijft, leidt tot commotie in christelijke kring. De ARP-senator H. Algra beschuldigt Reve van blasfemie, reden voor Reve om zijn huis in het Friese Greonterp `Huize Algra' te noemen. SGP-Kamerlid Van Dis verzoekt de ministers van Justitie en CRM om stappen wegens het `godslasterlijke' proza. Van de Amsterdamse rechtbank belandt de zaak via het Amsterdamse Gerechtshof bij de Hoge Raad. Reve voert zijn eigen verdediging met succes; in 1968 wordt hij van alle aanklachten vrijgesproken. Zijn pleitredes zullen later verschijnen onder de titel Vier Pleidooien (1971).

1967 Veertien Etsen van Frans Lodewijk Pannekoek voor Arbeiders Verklaard komt uit, waarin de schrijver het werk van zijn drinkvriend toelicht. De kunstenaar Pannekoek woont in de buurt van Greonterp, waar Reve zijn huis inmiddels heeft omgedoopt tot `Huize Het Gras'. Een dichtersmanifestatie voor Friese studenten te Leeuwarden ontaardt in een handgemeen tussen Reve en Simon Vinkenoog, omdat de laatste een ironische opmerking over Reves katholicisme maakt.

1969 Reve ontvangt de P.C. Hooftprijs voor zijn oeuvre op het Muiderslot. Bij het in ontvangst nemen kust de schrijver minister M. Klompé van CRM. Twee maanden later verzorgt de VPRO, in samenwerking met de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, ter viering van de prijs, een feestelijke uitzending vanuit de Allerheiligste Hartkerk te Amsterdam. Het programma, door Reve zelf samengesteld, voorziet in optredens van variété-artiesten en de Zangeres Zonder Naam. Vanuit katholieke kring ontstaat opwinding over het `misbruik' van de kerk, wegens de uitspraken van Reve in een vraaggesprek op die dag met Hans Keller (,,De katholieke kerk is een poppenkast en in een poppenkast hoort een Jan Klaassen'') en de ceremoniële wijze waarop hij met zijn vriend Willem Bruno van Albada (`Tijger' of `Teigetje') voor het altaar verschijnt.

1970 Verschijning van de Franse vertaling van De avonden en de Duitse vertaling van Nader tot U.

1970-1973 Reve woont met Van Albada enige tijd bij de moeder van hun vriend Hendrik Lambertus van Manen (`Woelrat').

1972-1976 In Weert vindt Reve enkele jaren gedurende lange periodes onderdak bij vriend en bewonderaar Guus van Bladel. In deze periode verschijnen de `Liefdesboeken' De Taal der Liefde (1972) met brieven aan Simon Carmiggelt, Lieve Jongens (1973) – onder de nieuwe nom-de-plume Gerard Reve – Het Lieve Leven (1974), Ik Had Hem Lief (1975) en Een circusjongen (1975). Ook legt Reve voor het eerst zijn `revistische' liefdesopvatting uit: een mystiek spel van onderwerping, tuchtiging en begunstiging, waarbij de `meedogenloze jongen' een slaafje krijgt. De boeken worden weliswaar niet allemaal even geestdriftig ontvangen, maar Gerard Reve wordt inmiddels wel, met Mulisch en Hermans, gerekend tot de `Grote drie' in de Nederlandse literatuur.

1973 Reves Mariaverering en fantasieën over `revistische' erotiek worden in zijn boeken afgewisseld met monarchistische en vermeend-racistische teksten, wat hem een reprimande van collega-schrijver Harry Mulisch oplevert: in hoeverre kan de zelfbenoemde `volksschrijver' zich met zijn `ironische' uitspraken nog achter het masker van de ironie verschuilen?

1974 Reve koopt een huis in het Zuid-Franse Le Poët-Laval, vlakbij het `Geheim Landgoed' bij Vesc dat hij in 1969 aankocht. Reve wordt benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau.

1975 Op 18 februari 1975 sterft vader Reve. De Schiedamse kunstenaar, `Matroos Vosch' ofwel Joop Schafthuizen is na zijn tweede bezoek op 7 augustus 1975, niet meer weggegaan bij Reve. Hij wordt niet alleen Reves nieuwe `Liefdesslaaf' maar werpt zich ook op als diens belangenbehartiger. Uit Vriendschap, niet uit Liefde, meent Matroos Vos. De seks kwam neer op `heren enkelspel', waarbij Reve fantaseert over de Meedogenloze Jongen en Schafthuizen over de oorsprong van zijn pedofilie: de intimiteit die hij als jongetje had met zijn tweelingbroer.

1976 Reve verhuist definitief naar Frankrijk.

1978 Reve legt verantwoording af van zijn jeugd in Oud en Eenzaam.

1980 Onder de titel Moeder en Zoon verschijnt een verslag van zijn toetreding tot de katholieke kerk in 1980. Aanvankelijk zou dit Het Boek Van Het Violet En De Dood gaan heten.

1980-82 In de jaren tachtig blijkt hoe consciëntieus Reve het schrijven van brieven gedurende zijn leven heeft volgehouden.
Inzicht in zijn leven met Wim Schuhmacher verschaft Brieven aan Wimie 19591963 (1980); het brievenboek Brieven aan Bernard S. 1965-1975 (1981) doet dat in zijn vriendschap met Bernard J. Sijtsma (1938-1991). Dan volgen twee brievenboeken die een duidelijker licht werpen op zijn religieuze en literaire opvattingen: Brieven aan Josine M. 1959-1975 (1981), gericht aan zijn astrologische raadsvrouwe Josine (`Jobs') W.L. Meyer (1896-1991), en Brieven aan Simon C. 1971-1975 (1982), aan `kunstbroeder' Simon Carmiggelt (1913-1987). Verder verschijnen Brieven aan Frans P. 1969-1969 (1984), Brieven aan Geschoolde Arbeiders (1985), Brieven aan Ludo P. 1962-1989 (1986) en Klein gebrek Geen bezwaar (1986).

1980-1989 Reves werk wordt verfilmd: na de verfilming van korte verhalen (`Crolus' en `Gossamer') volgen Lieve Jongens (1980, Paul de Lussanet), De Vierde Man (1983, Paul Verhoeven) en De avonden (1989, Rudolf van den Berg). Joop Schafthuizen bewaakt met verve en financieel inzicht en de publiciteit.

1981 De Vierde Man, dat eerder door de CPNB als boekenweekgeschenk was geweigerd, verschijnt.

1983 De romans Wolf en De stille vriend verschijnen.

1984 In de Haagse Post doet Joop Schafthuizen zijn `coming out' voor de `Kabouterliefde': "Zeg maar gerust dat ik heel erg pedofiel ben. Ik hou van jongetjes tussen de tien en de vijftien. Van die eendagsbloemen; jongens die maar een weekend, of zelfs maar een dag op hun mooist zijn." Antiquaar Henk Kraayenbrink herinnert zich hoe hij in Schiedam bij ,,Antiquariaat en Kunstzaal Schafthuizen'' aan de deur is geweest. Er hing een "nare sfeer" met een ,,halfdronken'' Schafthuizen in gezelschap van "een stel Marokkaanse jongetjes".

1985 In het NRC Handelsblad doet Reve verslag van het bezoek van de Paus aan Nederland, gebundeld in Roomse Heisa (1985).

1986 In Zelf Schrijver Worden (1986) bundelt Reve de Albert Verwey-lezingen die hij te Leiden gaf over zijn literaire principes.

1987 Verschijning van Verzamelde gedichten.

1988 De roman Bezorgde Ouders verschijnt.

1991 Brieven aan mijn Lijfarts 1963-1980 verschijnt, gericht aan zijn voormalige huisarts Jan Groothuyse.

1993 Reve en Schafthuizen vestigen zich in een voormalige dokterswoning in het Belgische Machelen. Reve verbleef daarvoor al steeds frequenter in Nederland, waar hij met Schafthuizen een huis had te Schiedam. Bij zijn zeventigste verjaardag wordt Reve bevorderd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. Brieven van een aardappeleter verschijnt.

1996 Reve publiceert het lang aangekondigde boek onder de titel Het Boek Van Violet En Dood.

1997 Brieven aan Matroos Vosch 1975-1992 verschijnt. Dat jaar had Reve's levensgezel een inzinking. "Ik verwaarloosde mezelf, at slecht en had complete straatvrees, mensenvrees, pijn." zei Schafthuizen in het NRC Handelsblad. "Ik zag mezelf als compleet overbodig. Dronk heel veel alcohol, om in een bijna-bewusteloosheid te verkeren."

Schafthuizen wordt in België verdacht van ,,de eenmalige aanranding der eerbaarheid van een minderjarig jongetje en het bezit van kinderporno''.

1998 Reves laatste roman, Het Hijgend Hert, verschijnt. Bij zijn 75ste verjaardag wordt Reve benoemd tot Commandeur in de Orde van Oranje Nassau.

2001 Gerard Reve wordt de driejaarlijkse Prijs der Nederlandse Letteren toegekend voor zijn `even omvangrijk als schitterend werk'. Waarom blijven jullie eigenlijk bij elkaar, vroeg Hanneke Groenteman dat voorjaar in Machelen aan het paar. Joop Schafthuizen: "Uit economisch belang." Gerard Reve: "Ik kan niks anders krijgen."


Met dank aan

  • De Stichting Salto Omroep Amsterdam
  • Archief voormalig Edison Theater Elandsgracht

Steun MokumTV
Natuurlijk hopen we van harte dat U het ongesubsidieerde MokumTV zult steunen

 

 

 
-
 

 

HOME
Deze site is gemaakt door MokumTV
All Rights Reserved - Stichting Mokum Plus Amsterdam
© MMIII by MokumTV

 

Totaal bezoekers van deze site op